Nicolaaskerk Dwingeloo

Overweging

 Overweging.

  

Stilte,

Zolang er nog ergens iemand bestaat
met wie ik als mens kan spreken
vind ik ook wel een stilte
midden op straat
een stilte die niemand kan breken.

Een kostbare stilte van zuiver glas
dat ik zelf
met mijn stem heb geslepen.
Als ik er niet was
had niemand die stilte begrepen.

Maar als Hij er niet was
en Zijn stem was er niet
dan was er van stilte geen sprake.
Alleen maar van zwijgen,
zo hard als graniet
en dat kan je doodeenzaam maken.

Maar de stilte,
dat is een tweestemmig lied,
waarin God en de mens elkaar raken.


Guillaume van der Graft

 

De versoepelingen zullen doorzetten nu de cijfers aangeven dat er steeds minder corona is, en aan de andere kant steeds meer mensen gevaccineerd zijn. En het ligt in de lijn der verwachting dat we ons massaal weer bekeren tot de ons oude en vertrouwde en daarom voor velen zo ‘normale’ samenleving. Ik vrees voor overvolle winkelstraten, en voor meer zwerfafval in onze bossen, heide en langs allerlei wegen.
Maar ik hoop zo, dat we iets oppikken van het goede dat ons in deze pandemie is overkomen. En dan denk ik aan de aandacht en zorg voor elkaar en onze leefomgeving, aan onze behoefte aan oprecht menselijk contact. Maar ook aan de herbeleving van de natuur, en aan de stilte die voor velen helend heeft gewerkt.

Voor dichters is die stilte altijd al belangrijk geweest, getuige ook het bovenstaand gedicht van Guillaume van der Graft (pseudoniem van Willem Barnard). Hij spreekt eerst over een kostbare stilte van zuiver glas dat door hemzelf is geslepen. Wij spreken woorden, wij zijn stil. En dat spreken en die stilte, die maken wij zelf. Niemand anders kan op precies die wijze haar of zijn stem doen klinken. Daarin zijn wij eigenmachtig.
Maar die stilte kan ook ervaren worden als een brok in je keel, een steen in je maag, een last op je schouders. Kortom: als een hard stuk graniet.

De dichter voert daarbij een andere stem op. De hoofdletters bij ‘Hij’een ‘Zijn’ duiden al op een andere macht. In de allerlaatste regel blijkt het om ‘God’ te gaan.
Ik moet bij die regel steeds weer denken aan het schilderij van Michelangelo ‘De schepping van Adam’.

Het is bekend dat Willem Barnard contact heeft gehad met een tijdgenoot en ook groot theoloog Kornelis Heiko Miskotte. Miskotte’s hoofdwerk is getiteld ‘Als de goden zwijgen’. Daarin gaat het ondermeer over de stomme machten die ons machteloos doen zwijgen. Maar daar dwars tegenin is er het getuigenis van Israël, dat ons is overgeleverd in het Oude Testament. Daar is sprake van de ENE die scheppend spreekt, al doende nabij is. Niet voor niets heeft zijn Naam te maken met het werkwoord aanwezig zijn.
Barnard laat op zijn dichterlijke wijze horen dat het deze Ene is die ons zwijgen doorbreekt.

Dit gedicht gaat daarom ook over bidden: dat kwetsbare gebeuren waarin mens en God geraakt willen zijn tot in het hart. Waarbij we mogen weten dat onze stilte allang is verstaan, onze verzuchtingen ingegeven zijn door de Geest zelf. Dan kan het ons gegeven zijn dat dit tweegesprek tot een lied wordt. Augustinus komt in gedachten, met zijn uitspraak “wie zingt, bidt voor twee”. De stilte in het gedicht mondt uit in een tweestemmig lied.

Ik hoop op een zomer waarin de bezinning – in stilte ingebed - ons verder helpt.

Voor jou en jullie allen: een goede zomertijd gewenst!

Daan Bargerbos

Michelangelo, De schepping van Adam (detail: handen) | Michelangelo |  Budgetschilderij Michelangelo – De schepping van Adam (detail)